Peters actuele website is
tetterettet.net




archief titels & intro's
 
reportages
interviews
artikelen
recensies
radioprogramma's
flyers, affiches
 
texts in English reportages
interviews
articles
 

mail naar Peter  
cv, werk, et cetera
 

 

 

Wat is een raga?

23/10/2008

Een gewillig oor

Een melodie, ook in India, is opgebouwd uit klanken van verschillende toonhoogten. Dat klinkt vanzelfsprekend, maar welke reeksen, welke series tonen uit de oneindige hoeveelheid mogelijkheden zijn geschikt om er melodieën mee te bouwen? Zijn dat volgens iedereen altijd en overal dezelfde? En heeft het gebruik van verschillende toonreeksen gevolgen voor de zeggingkracht, de gevoelswaarde of de betekenis van een melodie? In ontwikkelde muziekculturen formuleerden wetenschappers en musici daar ingenieuze, zowel eeuwenoude als moderne theorieën over. Om te beginnen over de keuze en ordening van tonen in toonladders.

Toonladders van Chinezen, Indiërs en westerlingen zijn gebaseerd op een verdeling van het octaaf in twaalf gelijke stapjes – de steeds herhaalde serie van twaalf afwisselend witte en zwarte toetsen op een piano. Een selectie daaruit (bijvoorbeeld alleen de witte toetsen) vormt een toonladder, die heeft gewoonlijk een naam. In westerse klassieke muziek hebben er twee de overhand: mineur en majeur, elk met zeven tonen. In Chinese muziek is een handvol toonladders van vijf tonen de norm. In India heeft een musicus of componist de keuze uit tientallen toonladders, in een muziekstuk gebruikt hij of zij van begin tot einde precies die ene reeks. Een toonreeks heet in India raga.

Maar het begrip raga omvat veel meer. Om te beginnen kan de toonreeks in stijgende richting andere tonen bevatten dan in dalende richting. Het kan zijn dat de musicus als hij van laag naar hoog gaat een toon moet overslaan, en in dalende richting niet – of een andere. Er bestaan allerlei min of meer vastgelegde patronen waarmee een musicus zijn melodieën kan versieren en verfraaien, sommige daarvan zijn meer geschikt voor de ene raga, andere voor een andere. Zo heeft iedere raga zijn eigen karakter, persoonlijkheid zelfs – de namen van raga’s worden met een hoofdletter geschreven. Het is aan de musicus zó met de mogelijkheden en beperkingen te spelen, dat er een prachtig muziekstuk ontstaat.

In Noord-India (Hindoestaanse muziektraditie) en Zuid-India (Karnatische muziektraditie) is het principe van het ragasysteem hetzelfde, maar de raga’s verschillen of hebben andere namen. In Noord-India is een raga bovendien verbonden met het tijdstip waarop hij behoort te klinken (ochtend, avond, nacht), of met een seizoen. Voor menig musicus is het ondenkbaar bij zonsopgang een nachtraga te spelen (of het moet om te oefenen zijn). Toch is het onmogelijk om uit het kale toonmateriaal van een raga af te leiden voor welk moment van de dag hij geschikt is. De behandeling ervan, de regels eromheen maken dat ochtendraga’s hupser, springeriger en vrolijker klinken dan nachtraga’s. Het gaat om het treffen van de juiste sfeer, die van een klimmende warmrode zon of van een bleekwit glinsterende maan.

Musici spreken van het leren doorgronden van een raga, de groten onder hen besteden er hun hele leven aan. Dan gaat het natuurlijk niet om de toonladder, die zit er na een weekje wel in. Het gaat om het vinden van de perfecte combinatie van klanken en regels, techniek en bezieling. Hoe beter dat lukt, hoe mooier de muziek. En het allermooiste is dat een luisteraar niet over al die kunde en kennis hoeft te beschikken om van die kwaliteit en schoonheid te kunnen genieten. Een gewillig oor volstaat.

© Peter van Amstel - 2008