Peters actuele website is
tetterettet.net




archief titels & intro's
 
reportages
interviews
artikelen
recensies
radioprogramma's
flyers, affiches
 
texts in English reportages
interviews
articles
 

mail naar Peter  
cv, werk, et cetera
 

 

 

Basisinfrastructuur en vierjarensubsidies 2009-2012

12/12/2008

Muziek uit de staatskas

Een structurele, meerjarige subsidie is voor sommige muziekorganisaties van levensbelang. Het betekent bijvoorbeeld geld voor de huur van een kantoor, een zakelijk leider, een administratief medewerker. Dat alles is niet nodig voor elk orkest of ensemble, voor iedere groep of band. Veruit de meeste muziek bedruipt zichzelf, als er voldoende publiek voor is. Maar een beschaafd land koestert ook kunst die kwetsbaar is. Zoals nieuwe, verrassende, experimentele muziek die niet zo gemakkelijk ingang vindt, waarvan niet iedereen meteen de kwaliteit, genialiteit of schoonheid herkent.

De Nederlandse overheid subsidieert de kunsten, ook de minder toegankelijke. Maar de verdeling van het geld is vanouds een heikele kwestie en de machinerie voor het toekennen van meerjarige subsidies dreigde vast te lopen. Politiek Den Haag was het subsidielobbycircus moe; politici en kamerleden willen zich vooral bezighouden met grote lijnen en beleid, niet langer met individuele instellingen. Daarom introduceerde het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) onder aanvoering van minister Ronald Plasterk een radicaal nieuwe structuur. Voor de muzieksector pakte die verrassend uit.

In een open brief aan de minister beklaagt componist Klaas de Vries zich over ‘het in één keer wegbezuinigen van zeventien ensembles die zich bezighouden met nieuwe muziek’. Hij rept van stilstand, kaalslag en achteruitgang. Ensembleleider Reinbert de Leeuw, jazzgitarist Jan Kuiper en velen van hun collega’s, ook uit de hoek van de wereldmuziek, uiten zich in soortgelijke bewoordingen. Het lijkt erop, is het algemene gevoelen, dat alle avontuurlijke, nieuwe muziek uit de vierjarenplannen is verdwenen. En dat raakt behalve de uitvoerders ook de bedenkers van muziek. Voorbarig, luidt de repliek, want er staan meer, beter op de praktijk toegesneden oplossingen op stapel. Al vragen die nog wel enig geduld.

Landelijke basisinfrastructuur BIS
Onder het motto ‘meer voor minder’ ging het kunstenbestel op de schop. Onmisbaar geachte, voor Nederland representatieve kunstinstellingen hebben vrijstelling gekregen van de vierjaarlijkse subsidieaanvraagperikelen. Zij genieten nu een ‘langjarig subsidieperspectief’, net als acht cultuurfondsen die per kunstdiscipline subsidies te verdelen krijgen. Daarnaast krijgt een overzichtelijk aantal belangwekkende uitvoerders en organisaties vierjarige ondersteuning van het ministerie van OCW, na advies van de Raad voor Cultuur.

Genoemde instellingen vormen samen de landelijke basisinfrastructuur (BIS), die onder directe verantwoordelijkheid valt van het ministerie van OCW. Andere belangstellenden voor een vierjarige ondersteuning kunnen niet, zoals voorheen, terecht bij OCW, maar moeten een aanvraag indienen bij een van de cultuurfondsen. Het betreffende fonds behandelt de verzoeken en beslist erover, minister en parlement bemoeien zich daar niet mee.

De BIS ziet er voor de podiumkunsten theater en dans zo gek nog niet uit. Maar muziek telt aan uitvoerders slechts tien symfonieorkesten en twee operagezelschappen. Daarnaast enkele productiehuizen, twee postacademische instellingen, en de festivals Holland Festival, Music Meeting en Noorderslag. De rest van de Nederlandse muziekwereld is voor subsidies uit de staatskas aangewezen op het nieuwe Nederlands Fonds voor Podiumkunsten+ (NFPK+).

NFPK+
Het NFPK+ is een samenvoeging van de voormalige fondsen voor de podia (FPPM; Fonds voor Podiumprogrammering en Marketing) en de uitvoerders (FAPK; Fonds voor Amateurkunst en Podiumkunsten). Aan deze combinatie werd bovendien het Fonds voor de Scheppende Toonkunst (FST) toegevoegd; daaraan herinnert het plusje in de nieuwe naam.

Het aanvragen van vierjarige subsidies bij het NFPK+ staat alle orkesten, ensembles, groepen en bands vrij, behalve als zij deel uitmaken van de basisinfrastructuur. Toch komen pop- en rockbands vrijwel nooit voor in de lijstjes. Arjen Davidse, hoofd afdeling Pop van Muziek Centrum Nederland, legt uit dat vierjarige subsidies helemaal niet geschikt zijn voor het popcircuit. “Bands maken geen plannen vier jaar vooruit, zo lang bestaan ze vaak niet eens”, zegt hij. “En pop is vooral op Hilversum gericht; jazz, klassiek en nieuwe muziek meer op Den Haag.” Met andere woorden, popmuzikanten proberen hun geld te verdienen aan radio, televisie en muziekindustrie: “Popbands zijn kleine onderneminkjes die hun eigen broek proberen op te houden.”

Dat betekent niet dat er geen geld uit Den Haag naar het popcircuit zou gaan. Popfestival Noorderslag zit in de basisinfrastructuur, evenals de productiehuizen Paradiso-Melkweg en Muziekwerkplaats Brabant. Amsterdam Dance Event (elektronische en dancemuziek) krijgt een vierjarige subsidie van het NFPK+. Verder is er de NFPK+-regeling Nederlands Popmuziek Plan: podia en festivals kiezen zelf de bands die ze laten optreden, het fonds dekt een eventueel tekort. Zo kunnen podia avontuurlijk programmeren zonder veel risico te lopen. “Een perfecte regeling”, vindt Davidse. “Mooi toegesneden op de popmuziekpraktijk.”

Vierjarige subsidies
Spelers van nieuwe, geïmproviseerde en wereldmuziek deden wel in groten getale een gooi naar een vierjarensubsidie voor de periode 2009-2012. Diep was de teleurstelling toen eind augustus de besluiten van het NFPK+ bekend werden: er prijkten dramatische scores op de besluitenlijst. Van de 113 aanvragers bij de afdeling Muziek kregen er slechts 37 een toewijzing, daaronder 11 nieuwkomers. Van de voorheen vierjarig gesubsidieerde (vooral) groepen en (enkele) organisaties vielen er 44 af, 26 bleven er over. Van de 55 nieuwe aanvragers werden er 11 beloond. Zo bracht het NFPK+ het aantal vierjarige subsidies terug van 58 naar 37, tegemoetkomend aan de opdracht: meer (geld) voor minder (groepen).

Onder de afvallers zijn gerenommeerde ensembles als De Volharding, het experimentele Axyz Ensemble en dito TryTone festival. Het Mondriaan Kwartet verdwijnt, Asko|Schönberg en het Nederlands Kamerkoor worden flink gekort. Zo vielen er gevoelige klappen in de eigentijdse gecomponeerde en geïmproviseerde muziek. Wereldmuziek verdween zo’n beetje van de lijst. Gedupeerden verwijten de commissie een gebrek aan artistieke visie en kennis van zaken. Zij vinden dat het fonds meer afbreekt dat het opbouwt, kapot maakt wat bloeide.

De 37 gelukkigen worden ruimer dan voorheen bedeeld, dat is winst. Maar “het NFPK+ is zich ervan bewust”, meldt directeur George Lawson in zijn toelichting, “dat de optelsom van die individuele beslissingen ingrijpende gevolgen heeft voor wereldmuziek, gecomponeerde muziek, jazz en geïmproviseerde muziek.” De structurele subsidies waren te zeer versnipperd, benadrukken Lawson en muzieksecretaris Henriëtte Post. Post: “Er is beoordeeld op kwaliteit en, als dat oordeel positief was, onder meer op bedrijfsvoering. In veel aanvragen ontbrak een overtuigende artistieke meerjarenvisie. Sommige instellingen zijn wel degelijk excellent, maar passen niet in een vierjarenstructuur.”

Om voor meer ensembles een projectmatige werkwijze mogelijk te maken is het budget voor de betreffende regelingen verhoogd. Ook voor podia is meer geld beschikbaar in de zogeheten afnameregeling. Post: “Podia zijn natuurlijk voor alle muziek van levensbelang, en voor de ontwikkeling van jazz, geïmproviseerde muziek en wereldmuziek onontbeerlijk.” Fondsdirecteur Lawson heeft zijn adviescommissie Muziek bovendien verzocht aanvullende maatregelen voor te stellen om ‘de vitaliteit’ van deze delen van de muzieksector ‘ook voor de toekomst te garanderen’.

Aanvullend advies
Het door Lawson gevraagde nader advies verscheen op 1 november. De tweejaarlijkse Matthijs Vermeulen Prijs voor componisten wordt heringevoerd, er komen stimuleringssubsidies voor talentvolle artistiek leiders. Podia, festivals en ensembles mogen geld aanvragen voor een composer in residence, “een avontuurlijk iemand die pakweg een jaar lang een ensemble of podium, in welk genre dan ook, een gezicht geeft”. Verder is er sprake van bonussen bij ‘eerlijke afspraken’ tussen podia en ensembles. Muzieksecretaris Henriëtte Post licht toe: “De maatregelen zijn bedoeld ter verbetering van de positie van de wereldmuziek, jazz en geïmproviseerde muziek, en de hedendaagse gecomponeerde muziek, en sluiten bovendien goed aan bij de bestaande productie- en afnamesubsidies.” Er komen bonussen. “Premies bovenop eventueel al toegekende subsidies voor zowel ensembles als podia, om de broodnodige dialoog tussen die beide partijen een forse impuls te geven.”

Dan zorgenkindje wereldmuziek. “Dat is een jonge en heterogene sector”, zegt Post. “Het ontbreekt er aan vertegenwoordigers en belangenbehartigers, aan structuur. Niemand weet precies wat er allemaal omgaat. Wat is de rol en de betekenis van wereldmuziek in Nederland, wat is de economische omvang ervan? Een onderzoek dat deze sector in kaart brengt is zeker geen overbodige luxe.” Op initiatief van World Music Forum NL, dat zich als een soort brancheorganisatie opwerpt, en in samenspraak met Muziek Centrum Nederland, het nieuwe sectorinstituut voor alle muziek in Nederland, zullen de onderzoeksvragen worden vastgesteld. Het fonds zal een belangrijk deel van dit onderzoek bekostigen.

Het NFPK+ rept van ‘een duurzame impuls aan de dialoog tussen podia, programmeurs en producerende instellingen’ en ‘een betere kruisbestuiving tussen vraag en aanbod’. Deze aanvullende maatregelen zijn een eerste tegemoetkoming aan de diepe grieven van de muziekwereld. Hoe serieus het NFPK+ de kritiek werkelijk neemt, zal blijken uit de toekenning van tweejarige subsidies. Dat betekent voor de instellingen en ensembles toch weer een paar maanden nagelbijten.

Tweejarige subsidies
De tweejarige subsidie is een nieuw fenomeen. Ook de subsidies voor eenmalige projecten (projectsubsidies) blijven bestaan, maar als een instelling de samenhang tussen meerdere projecten overtuigend aantoont, kan het NFPK+ overwegen geld voor twee jaren toe te kennen. Onder de aanvragers zijn heel wat afvallers uit de vierjarenrace. Opnieuw zullen meer aanvragers gezamenlijk meer geld aanvragen dan het fonds te besteden heeft; opnieuw zal het NFPK+ het meer-voor-minderprincipe hanteren. Het kan niet anders of er zullen opnieuw veel afvallers zijn.

Dezelfde commissie die de vierjarenaanvragen beoordeelde zal zich, tot ergernis van de afgewezen aanvragers, nu over de tweejarenaanvragen buigen. Post: “Dat klopt niet helemaal. Alle commissies, ook die in de andere disciplines, worden samengesteld uit een pool van adviseurs. In iedere volgende ronde telt de muziekcommissie tenminste twee andere leden. En aan deskundigheid ontbreekt het de commissie zeker niet, vooraf is over de samenstelling ook nooit gemopperd.” De aanvragen moesten op 1 december zijn ingediend, de uitslagen zijn te verwachten rond 1 maart.

Afdeling compositie
Inmiddels konden componisten uit alle geledingen terecht bij het NFPK+, afdeling Compositie, voor een stipendium, compositieopdracht of werkbeurs. In de nieuwe constellatie verandert er voorlopig weinig aan de aanvraagmogelijkheden en procedures vergeleken met die van het vroegere Fonds voor de Scheppende Toonkunst. Toch maken de scheppende toonkunstenaars zich zorgen over dreigend formalisme, bureaucratie en regelzucht, terwijl het NFPK+ juist benadrukt dat er nu een veel gestroomlijnder aansluiting mogelijk is met de muziekpraktijk.

Componist Ron Ford is secretaris en daarmee aanvoerder van de afdeling Compositie. Al zijn adviescommissieleden zijn, net als in alle NFPK+-commissies, externe, niet aan het fonds gebonden deskundigen. “De commissies beoordelen aanvragen op de te verwachten kwaliteit en originaliteit van de muziek”, zegt Ford. “Het gaat in eerste instantie om de noten, maar we houden ook rekening met de uitvoeringskansen. Een van de pluspunten van de nieuwe structuur is juist het contact met de andere afdelingen, Muziek, Muziektheater en Dans.” De secretarissen houden elkaar zoveel mogelijk op de hoogte van hun bevindingen, “maar er zijn momenten waarop een commissie een autonome beslissing neemt.”

Afwachten
Het wachten is nu eerst op de uitslagen van bezwaarschriften naar aanleiding van de beslissingen van het NFPK+ over de vierjarensubsidies. De afdeling Muziek ontving er 27, een derde van de 76 afgewezen aanvragers. De bewaren kunnen alleen betrekking hebben op formele, procedurele kwesties; uitslag begin januari. De volgende inhoudelijke toets, de beoordeling van de aanvragen voor tweejarige subsidies, vindt in de komende maanden plaats. Omstreeks 1 maart 2009 zal blijken of op het nieuwe fundament dat de minister voor de muziek heeft gelegd een solide, evenwichtig en voor alle gezindten bewoonbaar bouwwerk is verrezen.

___________________________________________________________

bedragen (muziek-) subsidies 2009
bij benadering, per jaar – stand 24 oktober 2008

basisinfrastructuur (BIS) (bron: subsidieplan OCW)
BIS totaal € 530.000.000
- cultuurfondsen € 150.000.000
- NFPK+  € 58.800.000
- muziek in BIS totaal € 163.000.000
- symfonieorkesten (ex Kanjersubsidie KCO) € 60.000.000
- operagezelschappen € 32.000.000

muzieksubsidies NFPK+ (bron: NFPK+)
muzieksubsidies totaal € 17.887.000
- vierjarige subsidies € 10.020.000
- tweejarige projectsubsidies € 1.232.600
- projectsubsidies € 632.600
- afnameregeling (podiumprogr. en marketing) € 1.493.300
- Nederlands Popmuziek Plan € 850.000
- reprises € 52.000
- presentatie buitenland € 306.000
- beurzen € 250.000
- regeling kleinschalige podia € 650.000
- instrumentarium Nader Advies € 500.000
- compositie € 1.900.000
___________________________________________________________

© Peter van Amstel - 2008