Peters actuele website is
tetterettet.net




archief titels & intro's
 
reportages
interviews
artikelen
recensies
radioprogramma's
flyers, affiches
 
texts in English reportages
interviews
articles
 

mail naar Peter  
cv, werk, et cetera
 

 

 

Stadsgeluiden

31/03/2003

Regionaal Opleidingscentrum van Amsterdam

Het Regionaal Opleidingscentrum van Amsterdam (ROCvA), opgericht in 1997, verzorgt middelbare beroepsopleidingen in dertien hoofdcategorieën (zoals Economie & handel, Maatschappij & dienstverlening, en Orde & veiligheid), en volwassenenonderwijs onder meer op mavo-, havo- en vwo-niveau. Onder het motto ‘leren door doen’ biedt het ROCvA tevens voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs (vmbo).

Op tachtig locaties bedienen 98 opleidingsteams 35-duizend leerlingen verdeeld over 450 verschillende opleidingen. Daarmee is het ROCvA de grootste aanbieder van beroepsopleidingen, volwassenonderwijs en vmbo in Nederland. Dertien docententeams verzorgen het vmbo, docenten uit vijf van die teams werkten mee aan het Stadsgeluiden-project. De deelnemende scholen zijn de ROC-vestigingen aan de Klimopweg, de Wibautstraat (De Berkhoff), het Timorplein, de Treublaan en de Wilhelmina Druckerstraat.

De Berkhoff, die eigenlijk is stadsdeel Oost staat, kreeg voor het project het centrum van de stad als werkterrein toegewezen. De leerlingen van de school aan de Treublaan, eveneens in Oost, namen Amsterdam-zuid voor hun rekening.

Vmbo
Het voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs (vmbo) bedient zestig procent van alle leerlingen die in Nederland voortgezet onderwijs volgen. Het vmbo is een recente samenvoeging van het vroegere voorbereidend beroepsonderwijs (vbo) en het middelbaar algemeen voortgezet onderwijs (mavo). De opleiding duurt vier jaar twee jaar basisvorming en twee jaar bovenbouw. In het voorjaar van 2003 worden de eerste vmbo-examens afgenomen.

Het onderwijs in de bovenbouw is verdeeld in vier sectoren: zorg & welzijn, economie, techniek en landbouw. In welke sector een scholier ook onderwijs volgt, zij of hij kiest daarbinnen een leerweg: de theoretische, de gemengde, de kaderberoepsgerichte of de basisberoepsgerichte leerweg. Eerstgenoemde is vergelijkbaar met het hoogste mavo-niveau van weleer, laatstgenoemde is bedoeld voor wie het liefst met de handen werkt.

Nederlands, Engels, maatschappijleer 1, gymnastiek en kunstvakken 1 zijn voor iedereen verplichte vakken. Elke sector (zorg & welzijn, economie, techniek en landbouw) wordt gekenmerkt door twee verplichte vakken, bijvoorbeeld wiskunde, en natuur- en scheikunde in de sector techniek. De leerling kiest daarnaast een of twee vrije vakken, de keuzemogelijkheid wordt bepaald door de gevolgde combinatie van leerweg en sector.

Vmbo-afdelingen van onder meer het ROCvA kennen daarnaast nog het praktijkonderwijs. De basisberoepsgerichte leerweg blijkt voor velen toch nog te hoog gegrepen, door verder te beknotten op leren met het hoofd ten gunste van werken met de handen kan het ROCvA ze toch vooruit helpen. Meteen vanaf de basisschool komen kinderen die daarvoor worden aangewezen in het praktijkonderwijs terecht.

Deze leerlingen hebben het niveau van jongeren die vroeger naar scholen voor zeer moeilijk opvoedbare kinderen gingen (zmok-scholen), ook wel speciaal onderwijs genoemd. Andere scholen brengen deze leerlingen onder in het leerweg ondersteunend onderwijs (lwoo). De vmbo-praktijkschool en het lwoo zijn de laagste onderwijsniveau’s binnen het voorgezet onderwijs.

Tenslotte verzorgt het ROCvA nog vmbo-op-maat. Deze constructie is het laatste vangnet binnen het vmbo voor schoolverlaters. Vmbo-op-maat duurt een jaar en is erop gericht deze leerlingen weer in de schoolbanken te krijgen en te houden, zodat zij weer verder kunnen in het reguliere onderwijs.

In theorie zijn de eerste twee jaren op het vmbo voor alle leerlingen gelijk, in werkelijkheid worden er vaak al groepen samengesteld naar niveau, vooruitlopend op de leerwegen van het derde en vierde jaar. Van de vmbo-groepen die aan Stadsgeluiden hebben meegedaan opereerden er twee op het basisberoepsniveau (De Berkhoff, Treublaan), twee behoorden tot het praktijkonderwijs (Timorplein, Wilhelmina Druckerstraat) en een ervan was een vmbo-op-maat-opleiding (Klimopweg).

Kunstvakken
Het vakkenpakket van de vmbo-basisvorming behelst veertig uur per jaar onderwijs in twee kunstvakken zoals tekenen, dans, muziek, handvaardigheid en audiovisuele vorming. Met ingang van het schooljaar 2003-2004 wordt cultureel en kunstzinnige vormig (ckv) een verplicht vak voor tweede- en derdejaars vmbo’ers. Het vak valt binnen kunstvakken 1, het nu al vaste kunstondereel van alle leerwegen.

Ckv voor het vmbo houdt in dat een leerling per jaar drie maal zelfstandig een kunstzinnig uitstapje moet maken naar bijvoorbeeld film, museum, concert of theater. Van zijn of haar ervaringen moet een kunstdossier worden aangelegd, de kwaliteit daarvan is bepalend voor het examencijfer.

De veertig uren kunstvakonderwijs in de eerste twee jaren van het vmbo worden lang niet altijd gehaald, bijvoorbeeld door gebrek aan leerkrachten of door lesuitval als gevolg van ziekteverzuim. Sommige scholen bundelden de uren en organiseren enkele malen per jaar een evenement of een serie workshops. Op die manier werd het Stadsgeluiden-project ingeroosterd. Een introductieles, tien workshops en een presentatie vonden op iedere school plaats binnen een tijdsbestek van ongeveer veertien weken.

© Peter van Amstel - 2003