Peters actuele website is
tetterettet.net




archief titels & intro's
 
reportages
interviews
artikelen
recensies
radioprogramma's
flyers, affiches
 
texts in English reportages
interviews
articles
 

mail naar Peter  
cv, werk, et cetera
 

 

 

Stadsgeluiden - leerlingenpresentaties

31/03/2003

Mooie voorstelling, leerzaam traject

Eindpresentaties zijn niet altijd maatgevend voor wat een leerling heeft meegenomen tijdens het traject, heet het in onderwijsjargon. Niettemin voorzag de planning van het Stadsgeluiden-project in een slotvoorstelling op elk van de vijf deelnemende scholen. Het was de bedoeling de ingestudeerde muziek, de stadsgeluidencompositie, enig acteren, en een video-montage van de gefilmde workshops en repetities te combineren tot een aantrekkelijke voorstelling voor schoolgenoten, leraren en andere genodigden. Het werden uiteindelijk vier voorstellingen, door de perikelen op de Timorplein-school is het daar nooit tot een presentatie gekomen. De overige pakten heel verschillend uit.

Water
In de Wilhelmina Druckerstraat vond (op een incident na) de feestelijkste presentatie plaats. Op de laatste woensdag voor kerst vierden de leerlingen, docenten en ouders er een eindejaarsfeest. Op een kleurig geïllustreerde affiche bij de ingang werden muziek, dans, een tweede hands-markt, portrettekenen, tafeltennis en oliebollen aangeprezen. En natuurlijk Stadsgeluiden, met bijbehorend muziekkunstwerk.

Een meidendansgroepje bijt het spits af, Stadsgeluiden staat als tweede op het programma. Zoals voor alle vier de scholen heeft Muziekpakhuis-duizendpoot Gerda Holzhaus een compilatie gemaakt van haar video-opnamen. Oefenen in de klas, knutselen met de computer, het minidisc-opnamen maken vanaf op een boot op het IJ passeren de revue. Dat laatste gedeelte had misschien beter achterwege kunnen blijven.

Drie meisjes met hoofddoeken zijn er te zien, genietend van wind, zon en water. Niet dat ze uitbundig zijn, stilletjes eerder maar wel zichtbaar content. ‘Dit is een haven, je weet wel, met boten’, legt een volwassen stem uit aan wie het weten wil. De mededeling is in geen geval besteed aan een stel jongens in het publiek. Zij hebben alleen oog voor de gehoofddoekte meisjes. Ze geven luidruchtig uiting aan hun misprijzen: een kuise moslima vertoont zich niet op foto of film. Spoorslags verlaten de betreffende meisjes de zaal.
De jongens krijgen een standje. Met tegenzin laten de meisjes zich alsnog overhalen hun rol te spelen in het Stadsgeluiden-muziekstuk dat volgen moet. Er zal absoluut niet worden gefotografeerd, belooft een lerares ze plechtig. Tenslotte nemen ze plaats, ieder met een stevige stok achter een olievat. Achter ze prijkt het muziekkunstwerk, een impressie van boten en water, binnenoor en hersenschors in rake plakkaatverfkleuren.

Water is een belangrijk bestanddeel in de voorstelling. Het zit in flessen die ermee op de juiste toonhoogte zijn gebracht. Er staat een grote plastic bak met water om de toonhoogte van gongs te veranderen, en om te klateren en te plenzen. Halve kalebassen drijven met de opening naar beneden in schalen water, elk heeft zijn eigen toonhoogte. Zuid-Amerikaanse conga’s, een Arabische darbuka en de olievaten zorgen voor een stevig fundament. Er klinken solo’s nu en dan. Opgenomen geluiden uit de computer completeren het geheel, al verlaten ze niet ongehavend de luidsprekerboxen.

Om beurten komen verschillende combinaties van klanken en instrumenten aan bod, het is spannend om naar te luisteren en leuk om naar te kijken. Spannend en leuk ook om te doen, dat zie je aan de inzet en concentratie van de deelnemers. Het is ongetwjfeld een ongebruikelijke manier van muziek maken voor ze, maar die hebben ze dan toch maar onder de knie gekregen.

Wiebelen en giechelen
De generale repetitie aan de Klimopweg ging zo gek nog niet, maar nu komt het zingen met keyboard-begeleiding nauwelijks uit de verf. Uit luidprekers klinkt een op de computer gemaakte groove van brekend glas, de artiesten staan erbij als zoutzakken en het nummer gaat als een nachtkaars uit. Het valt ook niet mee je compleet te geven voor een onrustig publiek van medescholieren die zich vooral om jouw fouten vrolijk maken.

Het bespelen van met stickers gemarkeerde steigerpijpen levert niet helemaal de bedoelde akkoorden op. De jongens en meisjes lachen schuchter, grijnzen, kijken onzeker om zich heen. Ze schamen zich, want ze weten ook wel dat het niet zo ontzettend indrukwekkend is wat ze hier presteren. Behalve het drummen misschien, op dreunende olievaten en knallende Afrikaanse djembe’s. Maar daarmee is de voorstelling niet gered. Die had op de Klimopweg misschien beter achterwege kunnen blijven.

Op de Treublaan viel het ook niet mee. Tot een kwartier voor de voorstelling was er nog geoefend onder leiding van regisseuse Gerda Holzhaus. Kundig balancerend tussen wanhoop en woede, gestrengheid en geduld lukte het haar nog op de valreep de leerlingen de juiste handelingen op het juiste moment te laten verrichten. Er was veel acteren in deze voorstelling, en slechts mondjesmaat muziek.

De voorstelling zelf begint, zoals gebruikelijk, met een Holzhaus video-compilatie. Er staat wel een flinke super-tv-monitor, maar het geluid is fluisterzacht. Het geharrewar om dat op te lossen komt de concentratie van het publiek niet ten goede. Wel heeft iedereen dikke pret zodra een deelnemer herkenbaar in beeld komt, en vooral als er iemand een foutje maakt. Het geluid is inmiddels wel hard, maar nauwelijks om aan te horen.

De voorstelling die volgt is opgebouwd uit geacteerde situaties op Station WTC, in het Vondelpark, op het Museumplein en op de Albert Cuyp-markt. Een meisje paradeert met de driehoekige blauw-rood-gele posterkoker van het Van Gogh Museum, een van de jongens speelt een diefje. Een meisje is toerist en stoeit met een stadplattegrond. Er zijn marktkramen en er worden ijsjes verkocht. Iemand harkt het gras, een ander maakt foto’s. Op aanwijzing van de regisseuse bevriest de handeling nu en dan. Min of meer, want wiebelen, kwebbelen en giechelen zijn dan niet van de lucht.

Het musiceren komt in twee delen. Twee jongens wagen zich aan het nummer Kutmarokkanen, muziekdocent Simon Lutz legt er middels een keyboard een automatisch ritme onder. Het geluid klinkt niet erg imposant en tot overmaat van ramp is er ook nog iets mis met de zangmicrofoons. De rappers zetten dapper door. Het tweede muzikale onderdeel wordt gespeeld door een zespersoons percussie-groepje. Kort en krachtig klinkt de mix van een simpel ritme op trommels met een ritmisch ruisgeluid uit de computer.

De vier locaties waar de kinderen met de minidisks aan het werk zijn geweest komen zo nog wel redelijk overtuigend over het voetlicht. Maar van de stadsgeluiden zelf is in de Treublaan-presentatie voor de argeloze toeschouwer geen spoor te ontdekken. Slechts ingewijden konden in het computergeluid omgekeerde heipalen vermoeden.

Paraplu’s en pannendeksels
De brood- en banketbakkersleerlingen stonden erop dat niemand van hun medescholieren naar de voorstelling zou komen kijken. Dus namen ouders, broers en zussen plaats op de ballustrade die de centrale hal van gebouw De Berkhoff omringt, om van bovenaf te genieten van de voorstelling. Jammer van die medescholieren, want als de Stadsgeluiden-muzikanten en acteurs zich op één school niet hoefden te schamen voor hun prestatie, dan was dat hier.

Het is ochtend. Een schoonmaakploeg gaat ritmisch tekeer met bezems, er gaat ergens een wekker af. Vroege treinreizigers ritselen met kranten, er klinkt rammelen met lepeltjes in koffiekopjes. Iemand slaat luidruchtig een vuilnisbak dicht, een stadsklok slaat acht uur. Muzikanten voegen sfeergeluiden toe op zelfgemaakte blaas- en snaarinstrumenten, en op pannendekselpercussie.

Als de dag eenmaal goed begonnen is verschijnt er een kolonne fietsers die, druk toeterend en bellend, rondjes draait op de benedenverdieping. Er schallen robuuste ritmische en loeiende geluiden uit luidsprekers, opgenomen op de computer en nu live ingemixt in de voorstelling. Een percussie-ensemble speelt met volle overtuiging mee, opwindend snel en loeistrak. Plotseling dendert een olievat de trap af, het donderend geraas sterft uit onder het gerikketik van vallende drumstokjes op de stenen vloer.

‘s Avonds regent het. Je ziet het aan een kleurige paraplu-parade, je hoort het aan kletterende watergeluiden uit de luidprekers. Het gezelschap is op weg naar een café waar een accordeonist ze lokt met Tulpen uit Amsterdam. Of wordt het een jazzcafé na even blijven hangen bij een straatviolist? Tenslotte kruipen de spelers weer achter hun percussie-instrumenten, een van hen heeft zijn basgitaar meegenomen. Na een spetterende finale met spatgelijke eindklap is de dag ten einde.

© Peter van Amstel - 2003