Peters actuele website is
tetterettet.net




archief titels & intro's
 
reportages
interviews
artikelen
recensies
radioprogramma's
flyers, affiches
 
texts in English reportages
interviews
articles
 

mail naar Peter  
cv, werk, et cetera
 

 

 

Leentjebuuruitzending beluisteren

05/05/2011

Groeten uit Bali van Colin en Ben

Colin McPhee

Tijdens de Koloniale Tentoonstelling in Parijs van 1931 hoorde de Canadese pianist en componist Colin McPhee voor het eerst een live-uitvoering van Balinese muziek. Prins Gedé Ngurah Mandera uit Pliatan had de leiding - en hij was niet gelukkig: 'We werden weggestopt, wij Balinezen, als slaven', beklaagde hij zich later. Maar voor McPhee was de kennismaking niet minder dan een openbaring. Nog hetzelfde jaar vertrok hij voor acht jaar naar Indonesië. Hij bestudeeerde er de plaatselijke muziek, publiceerde erover en componeerde nieuwe stukken.

Mede dankzij McPhee reisde in 1952 een imposant muziek- en dansgezelschap uit Pliatan naar London en New York voor een, zoals zou blijken, buitengewoon succesvolle, en nu goed verzorgde tournee. De Engelse componist Benjamin Britten was er bij en genoot: ‘De uitvoerders spelen prachtige, complexe muziek zonder elkaar aan te kijken’, meldde hij. ‘Zij hebben het zelfvertrouwen van een slaapwandelaar en roken sigaretten. De muziek is fantastisch rijk: melodisch, ritmisch - die samenklank (wat een orkestratie!!) en vooral de vorm.’

Luister naar Gambangan, het stuk dat Colin McPhee eerder transcribeerde voor piano, gespeeld in 1952 door het gamelanensemble uit Peliatan onder leiding van Gedé Ngurah Mandera.

McPhee beperkte zich intussen niet tot het transcriberen van gamelanmuziek; dat was vooral een vingeroefening, een manier om de cyclische structuur, de heterofone samenklank, de watervlugge omspelingen en de complexe ritmes te doorgronden. In 1936, het vijfde jaar van zijn verblijf in in Bali, voltooide McPhee Taboeh-Taboehan, een toccata voor orkest en twee piano's. Westerse muziek voor westerse instrumenten, maar met een onmiskenbaar Balinese inslag. Het stuk lijkt te beginnen als minimal music, maar de uitvinding daarvan zou nog drie decennia op zich laten wachten.

Ostinatos van Colin McPhee, het eerste van de drie delen van Taboe-Taboehan, een toccata voor orkest en twee piano's van Colin McPhee.

Het optreden van de Balinezen in London was niet Benjamin Brittens eerste confrontatie met gamelanmuziek; al in 1939 maakte hij kennis met McPhee en diens pianotranscripties. Die fascineerden hem wel, en samen maakten de Engelsman en de Canadees er plaatopnames van. Wat Britten en de gamelan betreft bleeft het daar een kleine twintig jaar bij, maar na zijn kennismaking met de Balinezen in London reisde de componist in 1956 zelf naar Bali af. Kort daarop ging zijn ballet The Prince of the Pagodas in première, waarin Britten zijn fascinatie voor de gamelan volop ten gehore brengt.

Het sprookje draait om een koning met twee dochters, een goeie en een een kwaaie, van wie er een hem moet opvolgen. De boze dochter zaait narigheid, de lieve dochter Belle Rose belandt op mysterieuze wijze in het exotische land van de Pagodas, een volk van porseleinen poppetjes met bewegende hoofden. Daar biedt een prins, voorlopig in de gedaante van een groene salamander, soelaas.

Vooral in de tweede acte, waarin Belle Rose aankomt in Pagoda-land en daar haar salemanderprins ontmoet, bedient Britten zich volop van de klanken, ritmes en structuren uit de Balinese gamelan. De muziek bij de ontmoeting met de Pagodas, ongeveer halverwege deze tweede acte, komt dicht in de buurt van Balinese muziek op westerse intstrumenten.

Luister naar de tweede acte uit The Prince of the Pagodas van Benjamin Britten, uitgevoerd door het Orkest van het Royal Opera House in Covent Garden onder leiding van de componist.

Een eenmalige exotische bevlieging was The Pagodas zeker niet, bij Britten waren oosterse ingrediënten sindsdien een vanzelfsprekend onderdeel van zijn componistenarsenaal - Noye's Fludde een jaar later, en Death in Venice vijftien jaar later getuigen daarvan. Zelfs in Brittens imposante War Requiem, gecomponeerd voor de inwijding van de Anglicaanse Coventry Cathedral in 1962, klinkt het hindoeistische Bali door. Zijn dodenmis komt tot stilstand met vijftonig pendelende zang, en er klinken buisklokken bij wijze van gongs: Let Us Sleep Now - In Paradisum.

Leentjebuur is een maandelijks programma van Peter van Amstel.

1. Colin McPhee. Britten - McPhee - Balinese Ceremonial Music (1941) - 2. Gambangan (2003). 01:37
Colin McPhee, Benjamin Britten
Chandos CHAN 5017
2. anoniem. Dancers of Bali: Gamelan of Peliatan, 1952 - Gambangan (2006). 03:06
Ensemble uit Peliatan, Bali
World Arbiter
3. Colin McPhee. Britten - McPhee - Tabuh-Tabuhan (1936) - 1. Ostinatos (2003). 07:05
Chandos CHAN 5017
4 t/m 10. Benjamin Britten. The Prince of the Pagodas (1957) - Act Two: Air, Water, Fire, Belle Rose in Pagoda-Land, The Pagodas, The Samalander, The Prince and Belle Rose (1989). 32:56
Orkest van het Royal Opera House, Covent Garden, o.l.v. Benjamin Britten
Decca London 421 855-2
11. Benjamin Britten. War Requiem, Op. 66 (1962) - Let Us Sleep Now - In Paradisum (1939). 05:49
NDR-Sinfonieorchester o.l.v. John Eliot Gardener, sopraan Luba Orgonasova, tenor Anthony Rolfe Johnson, bariton Boje Skovhus, Tölzer Knabenchor, The Moteverdi Choir, NDR-Chor
12. compilatie (2:30) van:
- Colin McPhee. Britten - McPhee - Balinese Ceremonial Music (1941) - 3. Taboeh Teloe (2003).
Colin McPhee, Benjamin Britten
Chandos CHAN 5017
- anoniem. Bali - Musique Pour Le Gong Gédé - Tabuh Telu (1987).
Gong Gedé van Batur

© Peter van Amstel - 2011