Peters actuele website is
tetterettet.net




archief titels & intro's
 
reportages
interviews
artikelen
recensies
radioprogramma's
flyers, affiches
 
texts in English reportages
interviews
articles
 

mail naar Peter  
cv, werk, et cetera
 

 

 

Renske Vrolijk

30/11/2011

Geraffineerd gruizige schoonheid

Renske Vrolijk

Whirly Girls van Renske Vrolijk en ELECTRA, met ook muziek van Lucas Wiegerink, Vanessa Lann en Michiel Mensingh, is te zien en te horen op 18 december om 20:30 in de Doelen, Rotterdam, en op 22 december om 20:30 in Huis aan de Werf, Utrecht. 

In haar muziek wekt Renske Vrolijk stemmen en geluiden uit vervlogen tijden tot leven. In geraffineerd gelaagde constructies combineert zij heldere muzikale lijnen met ruizige, knisperende samples. In Whirly Girls, haar nieuwe project met ensemble ELECTRA, eert zij de luchtvaartpioniersters Hanna Reitsch en Amelia Earhart. Wat drijft deze componiste die ook webredacteur is, en hoe gaat zij te werk?

Waarom zou je radicaal vernieuwen als je kunt voortbouwen op een rijke muziektraditie? ‘Een allesverpletterende bom op Amsterdam gooien om op dezelfde plaats een mooier Amsterdam te bouwen, dat zou toch krankzinnig zijn?’ Niet ver van het Concertgebouw (het staat er nog), op loopafstand van de kantoren van het Koninklijk Concertgebouworkest waar Vrolijk parttime werkt als webredacteur en social media-expert, spreken wij elkaar in een rumoerig café zonder muziek.

‘Intensief bezig zijn met nieuwe media fascineert me enorm’, zegt componiste Vrolijk (1965), en zij dekt haar ranke iPad 2 af met het vernuftige, magnetisch aangehechte klapdekseltje. ‘Niet vanwege de techniek, maar omdat die invloed heeft op hoe mensen met elkaar omgaan.’ Mensen houden van nieuwe apparaten. Toen de fonograaf van Edison eind negentiende eeuw beschikbaar kwam, kropen mensen bij elkaar voor phonograph parties. Om naar de eerste televisies te kunnen kijken, richtten Berlijners in 1935 Fernsehstubes in, om er meteen bij te zijn. ‘Waarom laten we ons door nieuwe hypes en nieuwe technieken toch steeds weer verleiden tot voorspelbaar gedrag? Het lijkt wel een evolutionair ontwikkelde drang van onze krokodillenhersenen om altijd een voorsprong op onze concurrenten te houden’.

Voor Vrolijk is Thomas Edison de Steve Jobs van de negentiende eeuw, de iPad het eenentwintigste-eeuwse kleitablet. De mogelijkheden mogen nu oneindig veel groter zijn, het onderliggende principe bleef volgens haar hetzelfde: mededelingen vastleggen en met anderen communiceren. Steeds vernuftiger nieuwe spullen dienen zich aan, maar het nieuwsgierig en gretig erop reageren is van alle tijden. Dat wil Vrolijk zicht- en vooral hoorbaar maken in haar muziek. ‘Muziek is mijn expressiemiddel’, zegt ze. Vrijelijk gebruikt en herschikt zij de ontdekkingen uit de westerse muziekgeschiedenis, al doende doet zij daarbij haar eigen muzikale uitvindingen.

Vrolijk bewondert het vijftiende-eeuwse, geraffineerde contrapunt van Guillaume Dufay, de genialiteit en roekeloosheid van Claudio Monteverdi, de bravoure van Beethoven, de op het klassicisme geënte kracht en pracht van Strawinsky. Zingen in een koor was ooit haar passie. ‘Wauw, hier word ik echt gelukkig van’, ervoer zij tijdens het gezamenlijk zingen van het contrapunt-componeerhuiswerk aan het Amsterdams Conservatorium. Voor deze componiste moet iedere muzikale lijn die aan haar brein ontspruit goed zingbaar zijn. ‘Eenvoud is niet hetzelfde als simplisme’, benadrukt zij. Eenvoud kan sterk en mooi zijn, maar complexiteit is vaak beter. Daarmee maakt zij haar muziek boeiend, verleent ze er de nodige draagkracht aan.

De puls van herhalende patronen schuwt zij niet (met dank aan de minimalisten). De gepolijste klank van geschoolde zangers en feilloze instrumentalisten kruidt zij graag met een extra laag van ruisende en knisperende stemmen en machines uit het verleden. Als ‘een geluidsvariant van het beeldende kunst-genre steampunk’, suggereert zij op haar website. Steampunk verwijst naar afbeeldingen (en verhalen) waarin spectaculaire, soms gedroomde uitvindingen uit het stoommachinetijdperk figureren. Vrolijk put uit een wat ruimere periode. Oud geluid klinkt in haar muziek niet als een toegevoegd artefact, maar als een integraal en noodzakelijk onderdeel van haar muzikale lagencomplex. Je hoort de ingewikkeldheid er niet aan af, de complexiteit en het daaraan voorafgaande denkwerk moeten, volgens Vrolijk, de schoonheid dienen, en die niet in de weg staan. ‘Het kenmerk van goeie muziek is dat die het hoofd én het hart beroert. Niet alleen het hoofd. Niet alleen het hart. Allebei.’ Daarom, als zij verstandelijk ordent, klanken creëert en lagen over elkaar heen legt (puzzelen noemt ze het), dan zingt zij in haar hart.

‘Ik daag mezelf altijd uit, ik kies nooit voor gemakkelijke oplossingen. Ja, ik gebruik consonantie, ik gebruik tonaliteit, maar niet nadrukkelijk en vaak als vanzelf. Ik denk niet na over functionele harmoniek, ik heb vaak geen idee of ik nou modaal bezig ben of tonaal. Iemand zei eens dat er allerlei octatoniek in mijn muziek zit. Kan best, ik vind dat niet zo interessant.’ Vrolijk construeert lagen die zich minutieus tot elkaar verhouden, om zo de bedoelde samenklanken, ritmes en kleuren te genereren. ‘De complexiteit zit bij mij niet in de afzonderlijke partijen maar in de samenhang ertussen, in de structuur van het vlechtwerk. Ik ben niet geïnteresseerd in de virtuositeit van het individu, maar in de virtuositeit van het geheel. De musici moeten denken als zangers, niet als notenraffelaars. Want waar de ene lijn stopt is een andere alweer begonnen, het is een soort dakpannenprocedé. Ze moeten allemaal tegen elkaar aanleunen, organisch op elkaar reageren. Dan, als ze niet meer bezig zijn met de losse noten maar met het geheel, valt alles op zijn plaats.’

Vrolijk praat verder over de vergankelijkheid der dingen, over de tand des tijds die zelfs allerlei zaken uit het betrekkelijk recente verleden onvoorstelbaar ouderwets doet lijken. ‘Reclames van tien jaar geleden zijn nu hopeloos gedateerd’, stelt zij vast. Zij vindt het jammer dat ouderwetse ideeën en apparaten zo snel overbodig worden, jammer vanwege de verborgen schoonheid van het ouderwetse. ‘Ik houd van de ruwheid van vroege geluidsopnamen, van het ongepolijste geluid van wasrollen op een fonograaf. Van het geknisper in gesprekken tussen piloten en verkeersleiders. Die klanken gebruik ik in mijn muziek om iets van de sfeer van toen terug te brengen, om in mijn muziek van nu te laten voelen hoe het vroeger was, en hoe we ons daartoe verhouden.’

De geraffineerd gruizige schoonheid van haar muziek komt van de stem van een radioverslaggever (bij het neerstorten van de zeppelin Hindenburg, in de muzikale documentaire Charlie Charlie), van een beroemde dode zanger (Caruso in After dinner toast voor koor en harmonium), of van een Frans volksliedje (Au clair de la lune, opname 1860, in Music box voor carillon en soundtrack). Vrolijks muziek is een avontuurlijke mengeling van technieken uit oude en nieuwe muziek, zorgvuldig verweven met oude geluiden die werken als het patina van een waardevol voorwerp: alles wordt er mooier van.

Websites: electranewmusic.com, rvsmile.com

© Peter van Amstel - 2011