Peters actuele website is
tetterettet.net




archief titels & intro's
 
reportages
interviews
artikelen
recensies
radioprogramma's
flyers, affiches
 
texts in English reportages
interviews
articles
 

mail naar Peter  
cv, werk, et cetera
 

 

 

Jacob ter Veldhuis in New York

15/01/2008

Geobsedeerd door Amerikaanse cultuur

"Een mooie mijlpaal, weer een stap verder." Over zijn minifestival in New York is componist Jacob ter Veldhuis zeker niet ontevreden. Begin mei 2007 klonk in het Whitney Museum at Altria, hartje Manhattan, drie avonden lang alleen muziek van deze door de Amerikaanse cultuur gefascineerde Nederlander. Een mooie gelegenheid om ook een fonkelnieuwe uitgave met zes cd's en twee dvd's vol hoogtepunten te presenteren. Jammer dat de zaal zo galmde, dat het videoscherm van huiskamerformaat was. Maar het doel werd bereikt: exposure. Flink veel publiek bij de concerten, een radioprogramma van twee uur, uitzendingen van muziek van de nieuwe cd's, een riante aankondiging in Time Out, goede recensies in onder meer de New York Times. En meer - dat alles maakt een tegenvaller nu en dan weer ruimschoots goed.

De hoge benedenverdieping van het gebouw op de hoek van de 42ste straat en Park Avenue, recht tegenover de hoofdingang van trein- en metrostation Grand Central Terminal, klinkt als een kathedraal. Een granieten vloer van vijftien bij veertig meter, hoge wanden van steen en glas. Granieten binnenmuurtjes, granieten zitbanken. De locatie heet Whitney Museum of American Art at Altria, naar de Altria Group, moedermaatschappij van tabaksreus Philip Morris, eigenaar van het pand en weldoener van het Whitney Museum. Hier organiseert het veertien straten noordelijker gelegen Whitney Museum al twintig jaar lang voorstellingen met muziek, dans en theater van Amerikanen van naam. Voor deze jubileumaflevering staat voor het eerst een buitenlander op het programma, Jacob ter Veldhuis. Maar die is volgens het programmaboekje dan ook obsessed with American culture.

de curator
Gastvrouw van dit driedaagse minifestival Limor Tomer, curator for performing arts van het Whitney Museum, legt uit waarom zij besloot deze Nederlander te presenteren in dit bolwerk van Amerikaanse kunst. "Mijn definitie van wat Amerikaans is verandert, de grenzen verschuiven. Jacobs werk is zo diep in Amerika verankerd dat hij naar mijn idee de Amerikaanse kunst, de Amerikaanse cultuur een spiegel voorhoudt. Hij is geobsedeerd door Amerikaanse politiek, Amerikaanse spullen, Amerikaanse televisie. Het ruwe materiaal voor alles wat hij doet komt uit Amerika. Het is interessant naar onszelf te kijken door de ogen van een buitenstaander, daarom is het volkomen logisch zijn muziek in ons museum te laten horen.

"Ik maakte kennis met zijn muziek door mijn vrienden van het Prism Saxophone Quartet, zij lieten me Pitch Black en de andere boombox-stukken horen. Ik dacht, oh mijn god, wie is deze man, waarom ken ik hem niet? Waarom kent bijna niemand hem? Het grappige is, terwijl het establishment niet weet wie hij is, zijn er een paar mensen die hem wel kennen: de meest vernieuwende, slimme, risico nemende musici zoals die van het Prism Quartet, het New Century Quartet, en fluitiste Margaret Lancaster. Vooral Margaret vertelde me over hem. Toen besloot ik dat ik iets moest doen om hem bij de mensen op het netvlies te krijgen. Dus schreef ik hem een email: Hallo, ik heet Limor, ik woon in New York, love you. Wil je naar me toekomen, we willen een driedaags minifestival organiseren met jouw werk? Een paar maanden later kwam hij en hier staan we dan, op het festival."

Jesus is coming voor saxofoonkwartet en ghetto blaster staat klaar op de lessenaars van het Prism Saxophone Quartet. Dansers en danseressen van het Miro Dance Theatre kruipen, hollen en rollen over de vloer om zich op te warmen voor de repetitie van de voorstelling van vanavond. Maar eerst moeten kwartet en luidsprekers de hoek uit, weg van de wanden, om de ergste geluidsreflecties tegen te gaan. Flink naar voren helpt, al helpt het niet veel. Het kwartet zou gemakkelijk zonder versterking kunnen spelen, maar bijna alle stukken op het programma zijn voor musici en boombox. Boombox is de verzamelnaam die Ter Veldhuis bedacht voor welke geluidsapparatuur dan ook, als die maar de samples kan weergeven in zijn stukken voor musici en geluidsspoor. De woorden in de tekstsamples zijn belangrijk, maar ze verstaanbaar krijgen blijkt geen sinecure in deze badkamer van tienduizend kubieke meter. Vanavond als het publiek er is zal het zeker beter klinken, met minder galm, verstaanbaarder ook. Al is niemand er echt gerust op.

de dansers
Omdat het zo prettig dichtbij Whitney at Altria is, logeert Ter Veldhuis in Super8Hotel in de 46ste straat. Toevallig staat recht tegenover de ingang van het hotel een grote zachtgroene glazen plaat met daarin geëtst de namen van vrienden, echtgenoten en collega's van mensen uit de buurt, die op 11 september 2001 het leven lieten. Op Times Square, een paar blokken verderop, registreerde Ter Veldhuis eerder de woorden van een woedende evangelist die nu figureert in zijn compositie Jesus is coming: "God kills, you idiots. God kills. Is he out of his mind? What do you think? I don't know... sort of... ha ha ha ha. Armageddon!" Vanwege "de idee van ophanden zijnde dood en tragedie in uitgesproken steedse omgevingen", raakte choreografe-danseres Amanda Miller van het Miro Dance Theatre onder de indruk van Ter Veldhuis' boombox muziek.

"Een paar jaar geleden ging ik naar een festival in Nederland", vertelt zij tijdens een repetitiepauze, "daar hoorde ik een wonderlijke combinatie van geluidssamples en muziekinstrumenten. Nadat ik had ontdekt dat Jacob de componist was, ben ik naar zijn website gegaan en daar kwam ik al die andere stukken tegen. Ik vond die muziek geweldig en
luisterde er veel naar via het internet." Het idee om er een choreografie bij te maken kwam van het Prism Saxophone Quartet. "Zij zeiden: deze muziek is zo visueel", vervolgt Miller, "we zouden er graag een avondvullende dansvoorstelling mee willen maken". "We zijn dol op Nederlanders", valt mede Miro-choreograaf Tobin Rothlein haar bij. "Ik ben gek op Jacobs waardering voor popcultuur. Zijn muziek is complex en gelaagd, briljant. Hoe meer je er naar luistert, mijn god, het is zo vernuftig, zo goed doordacht. Maar het eerste dat ik hoor is zijn liefde voor muziek, dat roept herinneringen op aan mijn vrienden in Holland."

In het najaar van 2006 werkte Rothlein met het complete dansgezelschap drie weken lang in het Grand Theatre in Groningen aan zijn productie Civilian/Warrior. Dat stuk gaat over wat het betekent te vechten, bezien vanuit het perspectief van een soldaat en gebaseerd op verhalen, interviews en teksten van dienstplichtigen en veteranen. "De Groningers haalden ons binnen, ze gaven ons een repetitieruimte, een appartement, ze gaven ons te eten. En een budget, een technische ploeg, productieruimte." Dat schiep een band, het maakte de samenwerking met een Nederlandse componist extra plezierig en interessant. En dan liggen de thematiek van Ter Veldhuis' en Rothleins werk ook nog eens verrassend dicht bij elkaar.

In het Whitney-programma komen doom, death en tragedy volop en in uiteenlopende gedaanten aan de orde. In het agressieve Grab it! is een ter dood veroordeelde gevangene aan het woord, in het sombere Pitch black klinkt de stem van de in Amsterdam verongelukte Amerikaanse trompettist Chet Baker, en die van een bange Billie Holiday in het bitterzoete, soms lieflijk swingende Billie. Ook op het programma staan het verstilde, bijna stilstaande Postnuclear Winterscenario No.10 en het verleidelijke, met vogelgeluiden versierde The garden of love naar een gedicht van William Blake, waarin tussen de grafstenen doornstruiken woekeren. Deze stukken zijn kant en klare statements, bijna iedereen die ze hoort vindt ze indrukwekkend genoeg. Hoe voeg je daar als choreograaf nog iets wezenlijks aan toe? "Tja, dat was lastig", beamen de choreografen. Miller: "We moesten een onderliggend gevoel proberen te vinden en dat benadrukken. Het gaat allemaal over ondergang en tragedie, en toch, alle stukken bieden ook een zeker troost. Dat leek ons de verbindende schakel."

de media
's Avonds loopt de zaal behoorlijk vol, de meeste van de ongeveer honderd klaargezette stapelstoelen raken bezet. Belangrijk voor de componist: er is nogal wat pers aanwezig. "Provocative, eclectic Pitch black, with dance and sax", kopt de Philadelphia Inquirer de volgende dag. De New York Times schrijft onder de wat zuiniger kop "Dutch composer samples pop culture and gives it a melody: Zijn orkestmuziek lijkt op Jeff Koons in de serieuze benadering van kitsch", en "De stukken zelf klonken helder en plezierig en waren moeilijk in een categorie onder te brengen". Maar ook "haal de woorden weg, zoals hij deed in Postnuclear Winterscenario No.10, en er bleef een New Age-achtige meditatie over". Tenslotte, precies waarom het allemaal begonnen is: "Toch, het belangrijkste van deze gratis concerten is, dat ze de kans bieden het werk van een kunstenaar te horen - goed uitgevoerd in een tamelijk galmende ruimte - die in Europa van belang is en hier nauwelijks bekend." Nog veel meer mensen krijgen die kans, want de Prism-Miro combinatie van saxofonisten en dansers gaat met dit Ter Veldhuis-programma toeren in de States.

De donderdag- en vrijdagavondprogramma's lenen zich beter voor een gewijzigde zaalopstelling, hebben Ter Veldhuis en de organisatoren besloten. Woensdagavond is de zaal in de lengte gebruikt, vandaag wordt het de breedte. In het midden van de lange glazen wand langs Park Avenue is een bordes, zeven treden boven de vloer van de zaal. Deze verhoging zal vanaf nu af als podium dienen. Dat betekent opnieuw worstelen met het geluid, die vermaledijde galm. Het viel hem gisteravond écht niet mee, zegt Ter Veldhuis, die ook al niet blij is met het huiskamerformaat videoscherm waarop straks Heartbreakers en een deel uit Paradiso zal worden vertoond. "Welk deel zal ik doen?", overlegt Ter Veldhuis hardop met zichzelf. Hij twijfelt of hij de New Yorkers zal provoceren met een naakte vrouw in het orgastische Heaven of lust, of ze zal verleiden met de weldadig prachtige Heaven of love met suikerzoete videobeelden van videokunstenaar Jaap Drupsteen. Hij kiest voor de liefde en niet voor lust, maar het wordt uiteindelijk Garden of Eden omdat 's avonds de technicus zich vergist.

Ook vanavond speelt een saxofoonkwartet, ditmaal het New Century Quartet. Er klinkt een vette uitvoering van Heartbreakers, een compositie uit 1999 op basis van teksten uit Amerikaanse talk shows met Jerry Springer, oorspronkelijk geschreven voor de Nederlandse jazzband de Houdini's en met beelden van vj Danielle Kwaaitaal. Geen dansers vanavond, wel een informatief gesprek tussen componist Jacob ter Veldhuis, gitarist Kevin R. Gallagher die vrijdag zal spelen, baritonsaxofoniste Connie Frigo van het New Century Quartet, en componist-muziekkenner-journalist Frank J. Oteri die ook een radio-talkshow aan de Nederlander wijdde. Ter Veldhuis schittert in zijn knalrode jasje tussen het bescheiden stemmig zwart van zijn gespreksgenoten. Toch slaat tijdens dit gesprek de vlam niet in de pan, daarvoor zijn de vragen te vriendelijk en de loftuitingen te overvloedig. New Century-altsaxfonist Christopher Hemingway speelt tenslotte bloedstollende duetten met Charlie Parker, Cannonball Adderley en Art Pepper in het razendlastige Buku voor altsaxofoon en boombox. De publieke opkomst valt deze avond wat tegen. Wie er wel is geniet zichtbaar van deze ervaring die soms pijnlijk confronterend, steeds wonderbaarlijk herkenbaar en ook nog eens prettig informatief was.

de musici
Het vrijdagconcert heeft het afwisselendste, aantrekkelijkste en best bezochte programma van de drie avonden. 's Middags raast fluitiste Margaret Lancaster hyperopgewonden over het podium tijdens de repetitie van Lipstick, voorspel voor een krachtige en uiterst geconcentreerde uitvoering 's avonds. Celliste Dorothy Lawson schittert in Tatatata en pianiste Kathleen Lancaster, met knalrood geverfde haren en in een kanariegeel straksluitend trainingspak gestoken, overtuigt met The Body of your Dreams. Dit stuk is ongetwijfeld Ter Veldhuis' lichtvoetigste stuk voor boombox en solist, met geluidssamples uit een televisiereclame voor een vermageringsproduct: "fine-tuned wave transmissions will vibrate fat away, no sweat, no workout". Maar de laatste twee stukken van de avond behoren tot de grimmigste uit het boombox repertoire: Grab it! over een ter dood veroordeelde gevangene, en The White Flag over de oorlog in Irak.

Electric Kompany, een kamermuziekensemble met de bezetting van een rock band onder leiding van gitarist Kevin R. Gallagher, neemt deze stukken voor zijn rekening. Gallagher is, vertelt hij onderweg van een repetitiestudio naar de concertzaal, in de eerste plaats geïnteresseerd in de klank van de elektrische gitaar, in de mogelijkheden van zijn instrument in gecomponeerde muziek. Maar natuurlijk ook in de muziek zelf, in de composities die anderen voor hem bedenken en in de betekenis ervan. Voor Gallagher komt Ter Veldhuis aan bijna al die aspecten tegemoet.

"Een vriend die les gaf op hetzelfde universiteit als ik, vertelde me in 2000 over Jacobs muziek. Hij wist dat ik op zoek was naar componisten met popinvloeden in hun werk. Hij had Grab it! voor saxofoon en boombox gehoord en zei: dit moet je horen. Dus ik zette de cd op en binnen een halve minuut was ik op zoek naar Jacobs emailadres. Ik ging naar zijn website en schreef hem een mailtje om de bladmuziek te bestellen. Daarna vertelde ik hem dat ik het stuk wilde arrangeren voor elektrische gitaar, en we begonnen per email ideeën uit te wisselen. De noten in de gitaarversie van Grab it! zijn natuurlijk vrijwel allemaal van Jacob, maar de manier van ermee omgaan op de gitaar is van mij. Zo raakten we bevriend."

Voor Gallagher slaat Ter Veldhuis een brug tussen het traditionele componeren en de popcultuur. "Jacobs muziek laat jonge componisten zien wat er mogelijk is in eigentijdse muziek, ze hoeven zich niet langer af te vragen hoe ze in de een of andere traditie passen. Als ik vertel dat ik een rockband heb die gecomponeerde muziek speelt, dan deinzen ze altijd een beetje terug. Maar het punt is, als iets goed en met smaak is gemaakt, dan zal het uiteindelijk geaccepteerd raken. Deze boombox-muziek is geen gimmick, dan zou ik mijn groep er niet blootstellen. Jonge componisten zullen ontdekken dat deze man grenzen verlegd en ervoor wordt beloond. We zullen dat steeds vaker zien, eigentijdse muziek zal steeds meer verbonden raken met de moderne samenleving. Die verbinding hoort er natuurlijk te zijn, en Jacob doet dat heel erg goed. Dat is waarom hij me in de eerste plaats zo aansprak." Van musici als Gallagher, fluitiste Margaret Lancaster en de saxofonisten Connie Frigo en Christopher Hemingway moet Ter Veldhuis het hebben. Zij bijten zich vast in zijn muziek, zij zijn zijn vrienden en ambassadeurs overzee.

De gitaarversie van Grab it! is de afsluiting van het driedaagse Jacob Ter Veldhuis minifestival in Whitney at Altria. Gallagher voorspelde al dat het New Yorkse publiek zich niet laat afschrikken door vermeende godslastering en grof taalgebruik, buiten de stad wel degelijk een probleem. Deze avond brengt Electric Kompany The white flag in wereldpremière, voor Amerikanen ongetwijfeld een gevoelige confrontatie met de waanzin van de oorlog in Irak. Een soldaat vertelt hoe hij een vrouw die met een witte vlag zwaaide heeft doodgeschoten. Zij wilde zich overgeven, bleef op hem aflopen en hij vertrouwde het niet. President Bush komt aan het woord met een bezwerende formule. Het publiek luistert gefascineerd en applaudisseert tenslotte respectvol voor de Nederlander Jacob TV die indringend de Amerikaanse way of life aan de orde stelt en daarmee een gevoelige snaar raakt.

"Jacobs muziek klink als geen andere muziek die ik ooit heb gehoord", zegt curator Limor Tomer. "Het raakt je ergens diep van binnen, you know. Het gaat zo ver voorbij aan het intellect, aan akkoordwisselingen en oplossingen, aan wat dan ook. Jacob spreekt je aan op een sub-sub-sub-intellectueel niveau, daarom houd ik van hem. Ik kan niet uitleggen hoe hij dat doet, ik denk dat hij het zelf niet eens weet. Dat kun je niet weten, it's magic."

© Peter van Amstel - 2008